Hoe ouder hoe ijdeler

Naarmate onze houdbaarheid toeneemt, wordt de behoefte om er appetijtelijk uit te blijven zien ook steeds groter. De veertigers en vijftigers onder ons weten waar ik het over heb, toch? We spenderen aanzienlijke bedragen aan cosmetische verfraaiingen en ingrepen. En dan bedoel ik niet de maandelijkse verfbeurt bij de kapper of een nieuwe set acrylnagels. Nee, dan heb ik het over laserbehandelingen om schimmelnagels of overbeharing te verwijderen, haartransplantaties om inhammen te verdoezelen en cryolipolyse om de love handles of zwembandjes te bevriezen. Aangezien ik zelf drie van deze behandelingen heb ondergaan (nee, nu geen flauwe grappen maken), spreek ik uit ervaring.

Geen siliconen polonaise

Sommigen gaan nog een stapje verder met het inspuiten of implanteren van lichaamsvreemde stoffen, maar persoonlijk ben ik daar niet zo’n fan van. Aan mijn lijf geen botox of siliconen polonaise. Eigenlijk ben ik ook best tevreden met mijn uiterlijk: ik ben niet te dun en niet te dik, ik heb nog weinig grijze haren of rimpels voor mijn leeftijd, ik heb geen hangborsten of slappe theezakjes, ik ben niet te klein maar ook niet te lang voor hoge hakken, ik heb geen scheve neus of flaporen (ondanks dat ik er mijn hele leven al aan zit te frunniken). Als ik mezelf een rapportcijfer moest geven (zoals we dat vroeger deden bij de jongens in de klas), dan is het een ruime zeven en op goede dagen misschien wel een acht. Dat klinkt misschien onbescheiden maar ik hou er niet van om mezelf naar beneden te halen.

Steeds schever

Als tiener was ik ook redelijk tevreden met mezelf, ook al wist ik heus wel dat ik niet het mooiste meisje van de klas of de camping was. Ik heb nooit de behoefte gevoeld om iets aan mijn uiterlijk te veranderen met uitzondering van mijn haar. Dat was altijd een grote bron van frustratie, want geen Carmen-set, permament, hair extensions, volumeshampoo of dure pillen konden ervoor zorgen dat ik een volle haardos kreeg. Tegenwoordig hebben mijn haar en ik zich met elkaar verzoend en weet ik dat er met blonde highlights en een korte coupe nog best wat van te maken valt. Vreemd genoeg heb ik me vroeger nooit een seconde gestoord aan mijn voortanden die een beetje schuin over elkaar staan. Of mijn gebit steeds schever is geworden of mijn blik in de spiegel steeds kritischer, weet ik niet. Het werd in ieder geval een chronische ergernis, vooral als ik foto’s van mezelf zag die ‘en profil’ waren genomen. De afgelopen jaren heb ik meerdere malen op het punt gestaan er iets aan te laten doen, maar zodra ik dan van die moeders op het schoolplein sprak met zo’n ontsierende slotjesbeugel, was ik gelijk weer genezen. Een jaar lang met een fietsenrek in je mond lopen waar je met een tandenstoker steeds de etensresten tussenuit moest poeren, dat zag ik niet zitten.

Onzichtbare beugel

Vorig jaar toen mijn dochter een beugel kreeg, sloeg de ontevredenheid over mijn eigen gebit weer in alle hevigheid toe. Zou ik niet toch een beugel moeten nemen? Maar dit keer was het mijn dochter die ging protesteren, want ze ging ‘no way’ naast me lopen als ik een beugel had. Gelukkig vond ik de oplossing in een brochure op de balie van de orthodontist: een onzichtbare beugel, ook wel aligner genoemd. Een transparant bitje waarmee je tanden in slechts enkele maanden op z’n plek worden gezet. Ideaal, dacht ik en met mij vele andere vrouwen boven de veertig. Het is een ware rage aan het worden sinds de media hebben verkondigd dat Koningin Maxima zo’n ding heeft.

Vanity is the constant enemy of our dignity – Anne Sophie Swetchine

No pain no gain

Bijna vier weken heb ik ‘m nu en het klopt wat de fabrikant belooft: je ziet er niets van. Maar je hoort ‘m des te meer! Als ik praat klinkt het alsof ik non-stop op een lolly zuig, om nog maar te zwijgen over het speeksel dat ongevraagd naar buiten sputtert als ik woorden met een st-klank uitspreek. Een ander nadeel (of voordeel als je op dieet bent) is dat je er niets mee mag eten of drinken, behalve water. Voor elke maaltijd, kop koffie of glaasje wijn moet je dat ding eruit halen en daarna je tanden poetsen voordat je ‘m weer in mag doen. Tussendoor snacken is er dus niet meer bij en proeven tijdens het koken gaat ook niet. Maximaal twee uur per dag mag de beugel uit, net genoeg om drie maaltijden naar binnen te werken. De eerste dagen heb ik het ding vervloekt en gewenst dat ik toch een slotjesbeugel had gekozen. Dan had ik tenminste wel normaal kunnen eten en drinken en het peuteren met een stokje voor lief genomen. Maar alles went, dus mijn aligner ook. Het is nog wel even de vraag hoe ik dat ga doen op een galadiner waar ik over twee weken heen ga. Tussen elke gang door de beugel in- en uitdoen of de hele avond aan een glaasje water zitten? Ik vraag me af hoe Maxima dat doet met al die staatsbanketten. ‘No pain no gain’ zullen we maar zeggen en over een half jaar loop ik met een kaarsrechte, big smile.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Social media & sharing icons powered by UltimatelySocial
error

Enjoy this blog? Please spread the word :)